Coronacrisis stresstest voor bestuurders

(Opinie) Hulpverleners van brandweer, politie, defensie en de zorgsector doen in crisistijd doorgaans hetzelfde als in hun dagelijkse werk. Alleen nu in de tiende versnelling en met een tekort aan personele en logistieke middelen. Deze professionals zijn goed opgeleid en berekend op hun taak, ook in buitengewone omstandigheden.Bij bestuurders (en ambtenaren) ligt dat anders. In crisisomstandigheden verrichten zij totaal andere taken dan in ‘vredestijd’. Als voorzitter van een crisisteam is de bestuurder onder tijdsdruk, stressvolle omstandigheden, maximale media-aandacht en specifieke wet- en regelgeving verantwoordelijk voor snelle en adequate besluitvorming. Handelen in onzekerheid zijn bestuurders niet gewend. Zij zijn niet geselecteerd op de vaardigheden van een crisismanager. Voor deelname aan opleidingen, trainingen en oefeningen wordt weinig tijd ingeruimd. Bestuurders staan nu voor de enorme uitdaging om het adagium van ‘iets dat je zelden doet, doe je zelden goed!’ te loochenstraffen. Nog maandenlang zal een appel worden gedaan op de leidinggevende capaciteiten van bestuurders. Een stresstest van formaat.

Naast de leden van het kabinet en de burgemeesters (het openbaar bestuur) betreft het hier ook bestuurders van zorginstellingen, scholen, religieuze organisaties, maatschappelijke instellingen en bedrijven. Ervaring uit het verleden leert dat het in de bestuurlijke leiding en coördinatie van rampen en crises nogal eens mis gaat. Met regelmaat leidt dat na onderzoeksrapporten tot vroegtijdig vertrek van een bestuurder. Dat is niet zo verwonderlijk, omdat crisismanagement een vak is dat je er niet zo maar even bijdoet. Het vereist specifieke vaardigheden en kennis en daar moet je als bestuurder goed voor zijn toegerust. Universitaire en HBO-opleidingen bieden hiervoor onvoldoende houvast.
De coronacrisis maakt het in aard en omvang extra moeilijk. De angstfactor speelt een belangrijke rol. Er wordt gestreden tegen een onzichtbare vijand. De economie en het maatschappelijk leven zijn volledig stil gevallen. Bestuurders geven veelal online leiding aan hun crisisteams en ook de communicatie met de bevolking loopt via de (social)media. Er worden door de rijksoverheid draconische maatregelen getroffen die door lokale bestuurders binnen een kort tijdsbestek moeten worden uitgevoerd en gehandhaafd. Ook de conditie en het doorzettingsvermogen worden op de proef gesteld. Een ware slijtageslag.  

De evaluatie van de crisis zal uitwijzen of bestuurlijk Nederland deze stresstest goed doorstaat. De uitkomst zal nog wel even op zich laten wachten en de kans is reëel dat tussentijds waardevolle informatie verloren gaat. Dat kan worden voorkomen door een proactieve inzet van de Onderzoeksraad Voor Veiligheid (OVV). Dit onafhankelijke onderzoeksorgaan zal observatoren kunnen toewijzen aan de belangrijkste besluitvormende gremia, zoals de ministeriële commissie crisisbeheersing (MCCB), het RIVM (outbreak managementteam), het landelijk operationeel team corona (LOTC) en het Veiligheidsberaad (25 regioburgemeesters). Tijdens de crisis kun je beter beoordelen of de juiste besluiten worden genomen en welke overwegingen daartoe hebben geleid.

De commissie Muller doet momenteel onderzoek naar het Nederlandse veiligheidsbestel en de werkwijze van de veiligheidsregio’s. Noodzakelijk vanwege de weeffouten die erin zijn ingeslopen en die slagvaardig handelen van bestuurders in crisistijd bemoeilijken. De ervaringen en lessen van de coronacrisis zullen ongetwijfeld waardevolle input leveren voor de eindrapportage.

Juist omdat crisissituaties steeds complexer worden vereist het bestuurlijk leiderschap een hoge mate van kwaliteit. Dat zal na de coronacrisis door niemand meer worden onderschat. De tijd is nu rijp om crisisbeheersing en integrale veiligheid als wetenschappelijke discipline te erkennen en een curriculum voor een volwaardige universitaire opleiding te ontwikkelen. Met een enkele theorieles binnen de opleiding bestuurskunde kan niet meer worden volstaan!